Vietnam I: Van het warme zuiden naar het koude, adembenemende noorden

  • 0

Vietnam it is! In deze blog onze avonturen van onze eerste week in Vietnam. Op een winderige decemberdag met natte sneeuw zijn we met de trein vertrokken naar Schiphol AirPort. Ruim een jaar geleden vertrokken we voor 3 maanden naar Latijns-Amerika. Nu gaan we een maand overwinteren in Vietnam. Eindelijk eens met eigen ogen het land van Nhi (onze schoonzusje) bekijken.

Met een vertraging van 2 uur vertrokken we. De voorruitverwarming van ons vliegtuig was kapot door blikseminslag. Dus we hebben we in de tussentijd de vakantie ingeluid met een biertje. In Singapore mistten we onze aansluiting door de vertraging, maar gelukkig was de vervangende vlucht al geregeld. 4 uur later dan gepland kwamen we aan in Ho Chi Minh City (HCMC). Dat viel dus nog mee. Helaas was onze bagage niet meegekomen, die stond nog in Singapore. Wel lekker licht reizen zo, met alleen een daypack. Maar het is 30 graden in Ho Chi Minh en geloof me, dan is de kleding die je bij vertrek uit Nederland hebt aangetrokken veel te warm.

We kwamen om half 12 in de avond aan in ons hostel. Door het tijdverschil en vliegen ben je helemaal ontregelt dus daar hebben we dankbaar gebruik van gemaakt. De uitgaansstraat, de Khao San Road van HCMC, bleek om de hoek te zitten. Daar hebben we de lokale biertjes maar even geproefd. De sfeer was geweldig, iedereen zat op piepkleine krukjes op de straat en je hoort alle loeiharde muziek door elkaar. Uiteraard zijn dit ook de plekken waar je de meeste contrasten tegenkomt. Een klein ventje van een jaar of 4 kwam langs om te bedelen. Z’n pa liep een stukje verder en hield hem nauw in de gaten. Om het ventje vervolgens hardhandig aan te spreken. Vast iets in de trant dat hij beter zijn best moest doen schattig en zielig tegelijk te zijn. Op zo’n moment kan je weinig meer dan machteloos toekijken. HCMC is volgens ons hostel sowieso een stad die enorm veel werkloze gelukzoekers trekt. Als toerist is het dan ook oppassen geblazen op straat. Het gebeurt regelmatig dat voorbijrijdende brommers telefoons en tassen uit de handen van toeristen grijpen. Maar heel veel spannender dan dat wordt het in Vietnam niet snel. Dat is het grote voordeel van Zuid-Oost Azië waar backpacken toch wel een stuk veiliger is dan Latijns-Amerika. Daar haalden we het niet in ons hoofd om na een avondje stappen lopend terug naar ons hostel te gaan. Dat is daar hetzelfde als vragen om door gewapende mannen overvallen te worden. Hebben wij gelukkig nooit meegemaakt. Rond een uurtje of 3 zijn we lekker gaan slapen. De volgende ochtend vroeg opgestaan om zo snel mogelijk van de jetlag af te zijn én nog belangrijker om het geweldige ontbijt niet te missen. Het hostel waar we sliepen had een ontbijtmenu met meer dan 25 opties. Feestje op de vroege ochtend dus!

We zijn lekker gaan wandelen naar het War Remnants Museum, de must visit van Ho Chi Minh City. Een bijzonder interessant museum wat het verhaal vertelt van de Vietnam oorlog met de US in de jaren ‘60 en begin ‘70. Erg indrukwekkend en met behoorlijk veel heftige foto’s van slachtoffers. Generaties later, zelfs ruim na de oorlog, zijn nog duizenden slachtoffers gevallen. Er zijn veel kinderen met ernstige verminkingen geboren waarvan de ouders tijdens de oorlog zijn blootgesteld aan het gif Agent Orange. Het heeft zelfs enkele 4e generaties getroffen. Moet je nagaan…

De rest van de dag hebben we veel gewandeld door de stad en naar twee markten gegaan. We hebben de locals en hun gewoonten uitvoerig bestudeerd. Geweldig om te zien dat sommigen met 32 graden een vest, sjaal en muts dragen, maar wel op slippers lopen met blote voeten. Wist je trouwens dat oversteken op straat echt gekkenhuis is hier? Stoplichten zijn er bijna niet, en de stoplichten die er zijn worden door de meeste weggebruikers genegeerd. Het wemelt van de scooters en brommers. Oversteken is dus het zelfde als in een mierennest gaan staan. Om je heen krioelt het van de scooters en je moet vooral standvastig doorlopen. Iedereen manoeuvreert zich om je heen. Als ze je tenminste hebben gezien. Risico van het oversteken. Wij hebben het er zonder kleerscheuren vanaf gebracht. Savonds werd onze verloren bagage bezorgd. Dat was voor ons reden tot een feestje! We hebben in een rooftopbar met mooi uitzicht over de stad drankjes gedronken.

De volgende ochtend stonden we vroeg op om naar het vliegveld te gaan. We vliegen naar Hanoi, de hoofdstad van Vietnam in het Noorden. Vietnam is een enorm uitgestrekt, smal land. Je reist van noord naar zuid of andersom. In het noorden is een zomer en winter klimaat, in het zuiden een tropisch klimaat. In het noorden is het momenteel winter en dus koud. Daarom beginnen we daar zodat we op het einde van de vakantie afsluiten met lekker warm weer.

In de middag kwam we aan in Hanoi. Het is stuk kouder, rond de 18 a 20 graden. We hebben onze tijd gelijk goed besteed door het oude centrum te ontdekken per fietstaxi. Het verkeer doet hier zeker niet af aan HCMC. Wederom een gekrioel van gemotoriseerde tweewielers. Gevoelsmatig wordt tijdens reizen een paar jaar van je leven afgesnoept, want de uitlaatgassen zijn onmogelijk te ontwijken. Het oude centrum is wel charmant voor Vietnamese begrippen. Museumliefhebbers kunnen hun hart er zeker ophalen. Daar beschouwen wij onszelf niet toe, dus we hebben vooral genoten van het heerlijke Vietnamese eten. Er is een straat met allemaal lokale foodtentjes waar je kunt Hotpotten. Een pannetje met smaakvolle bouillon dat continue aan de kook wordt gebracht. Je krijgt allerlei groenten, vis en vlees om erin te garen. Zo onwijs lekker en lekker lang tafelen! Het kost hier ook helemaal niets. Voor een Pho (Vietnamese soep met noodles) betaal je zo’n 1,50 euro. De hotpot kostte ons 5 euro per persoon. Verder kun je hier voor slechts 4 dollar behoorlijk dronken worden, met biertjes voor maar 20 eurocent. De prijs verschilt weinig van een flesje water…

De volgende ochtend namen we om half 7 de minibus naar het hoge noorden, Ha Giang. Een comfortabele rit van uiteindelijk maar 6,5uur, dat was een meevaller. We zijn na aankomst gelijk op zoek gegaan naar een goed aangeschreven motorverhuur bedrijf, QT motorbikes. Het hoge noorden van Vietnam is namelijk bekend en volop geliefd door haar prachtige landschap. Veel reizigers hebben het bergstadje Sapa al ontdekt. Aangezien daar het toerisme inmiddels ruimschoots is ontwikkeld hebben wij voor Ha Giang gekozen. Nog minder bereisd en, naar horen zeggen, het mooiere alternatief voor Sapa. We hebben uitgebreid uitleg gekregen over de motorloop, de tocht met de motorbike door de bergen. Je kunt er zo lang over doen als je wilt. Idealiter pak je tenminste 3 a 4 dagen om de mooiste plekken te zien. Wij kozen voor 4 dagen. De volgende ochtend stapten we op onze motorbike. Een Honda Future semi-automaat van 125cc. De grote backpacks lieten we achter in het hotel. We droegen beide 5 lagen kleding over elkaar heen, plus een regenpak. Muts op en handschoenen aan en gaan. Eenmaal onderweg vroegen we ons af of we dit hadden verwacht bij ‘overwinteren in Vietnam’. Het was pittig koud. Het plan is om zo’n 450 km af te leggen in 4 dagen. De eerste dag was gelijk een lange rit van 108 km. Het landschap werd al snel adembenemend mooi. We werden omringd door een landschap van puntige kalksteen bergen en rijstterrassen. De route zat vol met haarspeldbochten met verschillende hoogtes. In het dal was geweldig waar we getrakteerd werden op een mooi uitzicht. Hoger in de bergen was pittig, heel pittig. De mist was super dik met een zicht van zo’n 10 meter. Dat is koud en nat. Bovendien gevaarlijk rijden met een wegdek vol met modder. We reden door allerlei dorpjes waar verschillende etnische minderheden wonen. Er wonen meer dan 100 verschillende etnische minderheden in de bergen van Vietnam. De mensen waren super lief en zwaaiden uitgelaten naar ons. Ik zat daar al wuivend als Beatrix achterop de motorbike, alleen iets minder charmant met m’n Vietnamese regenpak met veel te korte broekspijpen. Na enkele korte stops en een lunchbreak met Pho kwamen we om 3 uur aan in Du Gia (Spreek uit als Zu Za). Een charmant bergdorpje waar we gaan overnachten bij locals. De familie was erg gastvrij en bood ons hun eigen slaapkamer aan zodat wij niet in de dorm hoefden als stelletje. Slaapkamer klinkt luxer dan het was. Beeld je een hooiberg in met matrassen op de grond, luiken en grote tochtkieren in het hout. Dan heb je een beeld van onze slaapplek. Hoewel het laagseizoen is verbleven er meerdere backpackers in de homestay. We hebben genoten van een overvloedig diner met de familie en de gastheer heeft ons getrakteerd op Happy Water. Dat is cornwijn! Hij had twee varianten, de gewone en de opium cornwijn. Opium is een groot export product naar China. Hahah tjah en als de gastheer je erop trakteert dan zeg je geen nee natuurlijk. Na een paar uurtjes en wat drankjes bij het kampvuur zijn we gaan slapen in ons hutje. Het was echt bitterkoud, maar onder de dikke dekens super goed te doen. De matrassen zijn van steen zo hard. Het was hoe dan ook een prima nachtje. De baby van de familie werd wel elk uur wakker en de haan begon al om een uurtje of half 4. Maar daaromheen hebben we prima geslapen.

De volgende ochtend stonden we voor een grote beslissing; doorrijden naar Dong Van of terugkeren naar Ha Giang. De kou in combinatie met de dikke mist én als bonus de regen deed ons beslissen om i.p.v. de 4 daagse tocht er 2 van te maken. We hebben veel andere reizigers gesproken die de route andersom hebben gedaan en vrij weinig van het uitzicht hebben gezien. Hoe dan ook is dit een van de mooiste plekken van Vietnam, maar met dikke mist heeft het weinig zin er te blijven. Nu hebben we alsnog genoten van hele mooie views en bij een lokale familie geslapen. De weg terug hebben we onze ogen nog flink de kost gegeven. Het is wel echt onwijs mooi hier. Zeker een must see. Ooit komen we hier terug, for sure.

Rond 3 uur waren we weer terug in Ha Giang en konden we gelukkig een kamer boeken voor een paar uur. Na een warme douche en een klein dutje hebben we die avond de nachtbus naar Cat Ba Island genomen. Dat was weer een belevenis op zich. Het was een nachtbus met 3 rijen van soort van stapelbedden(31 totaal). Je ligt op een stoel die semi plat kan. Uiteraard wel gemaakt voor Vietnamese lengtes. Wouderick had beide benen uitgestrekt in het gangpad. Qua comfort hadden we prima kunnen slapen, maar helaas waren een aantal Vietnamezen nogal luidruchtig in hun slaap. De man achter mij snurkte onwijs hard en stikte af en toe zowat in zijn eigen tong. Meer dan 3uur hebben we zeker niet geslapen. We waren met een Amerikaans stel en hebben de uurtjes prima kunnen overbruggen. Al met al was het een flinke tocht naar Cat Ba Island van in totaal 12 uur reizen. Geluksvogels als we zijn hebben we een super comfortabel hotel geboekt voor maar 7,50 euro per nacht. Na een heerlijk ontbijt hebben we een dutje gedaan om onze gemiste uurtjes even in te halen. Vervolgens zijn we gaan wandelen langs de boulevard en hebben we het viewpoint beklommen. Vanaf daar konden we het hele eiland zien met de rotsen en bergen in het water. Morgen gaan we de hele dag op een boot voor een van de meest bekende bezienswaardigheden in Vietnam; Halong Bay. Daar kijken we enorm naar uit! Nu zitten we met luide kerstmuziek op de achtergrond te genieten van Happy Hour met cocktails en lokale biertjes. Onze eerste indruk van Vietnam is vooral dat de mensen echt super lief zijn! En het is zo goedkoop overal. Ongetwijfeld betalen we in vergelijking met locals nog steeds de hoofdprijs, maar voor ons weinig reden om veel te onderhandelen.

In onze volgende blog weer meer! Dikke zoen van ons vanaf Cat Ba Island

 

AUTHOR

Marieke

All stories by: Marieke
2 comments
  • Anna
    REPLY

    Dank je Marieke voor je gezellige reisverhaal. Ik ben even met je mee geweest, en zag de mist en voelde de regen en kou op de motorfiets. Mooi om te ervaren dat de mensen uit het land van je schoonzus zo lief zijn.
    Ik ben benieuwd naar je volgende verhaal. Veel plezier met Wouderick.

Leave a Reply

Your email address will not be published.